Kwartierstaat

De kwartierstaat is een voorgeslacht in zowel mannelijke als vrouwelijk lijn. Het is met andere woorden een overzicht van iemands complete afstamming. Omdat iedereen een vader en een moeder heeft, treedt in de kwartierstaat bij elke generatie die wordt teruggegaan een verdubbeling van het aantal voorouders op. Als gevolg daarvan is de schematische vorm van de kwartierstaat zeer regelmatig. Als u zelf een genealogisch onderzoek doet is het opstellen van de eigen kwartierstaat ook zeer boeiend, omdat elk gevonden feit rechtstreeks met uzelf te maken heeft, iets dat bij een stamboom veel minder het geval is. De kwartierstaat is de meest individuele genealogie.

Oorspronkelijk bestond de kwartierstaat uit een overzicht van slechts ouders en grootouders. Elke voorouder wordt kwartier genoemd; men spreekt daarom van 'de twee kwartieren van de ouders' en 'de vier kwartieren van de grootouders' enzovoort. Vandaar dus ook de naam 'kwartierstaat'. De persoon waarvan de ouders en grootouders werden genoemd, heette de proband of, wat tegenwoordig meer gebruikelijk is, de kwartierdrager

Bij een kwartierstaat (alle voorouders) verdubbelt het aantal namen per generatie:

Generatie Aantal voorouders
I. ouders 2
II. grootouders 4
III. overgrootouders 8
IV. betovergrootouders 16
V. 32
VI. 64
VII. 128
VIII. 256
IX. 512
X. 1024
XI. 2048

Een parenteelstaat van 5 generaties voorouders bestaat al uit 2 + 4 + 8 + 16 + 32 = 62 personen!

In een kwartierstaat krijgen personen een nummer volgens een bepaald systeem. Zo kun je de verschillende generaties en de relaties tussen de personen in een lijst met voorouders terugvinden.

Bij kwartierstaten wordt het 'systeem-Kekule' het meest gebruikt. De 'proband' krijgt nummer 1 en zijn of haar vader en moeder respectievelijk nummer 2 en 3. De ouders van de vader krijgen de nummers 4 en 5, die van de moeder 6 en 7. Mannen hebben altijd een even nummer (behalve de mannelijke proband), vrouwen een oneven nummer. Kwartierstaatnummers zijn eenvoudig te berekenen op basis van het nummer van het kind (k): de vader heeft als nummer kx2, de moeder (kx2)+1. Heeft het kind nummer 231 dan heeft zijn vader nummer 462 en zijn moeder 463.